Skip to content
Inzicht

Waarom twee dezelfde tekeningen toch iets anders kunnen vertellen

Leestijd:
5 minuten
20 August 2026
Miquel Moonen
Context |Observeren |Totaalbeeld |Tekeninglezen

Op het eerste gezicht lijken ze hetzelfde

Leg twee kindertekeningen naast elkaar en soms lijken ze verrassend veel op elkaar. Op allebei staat een huis. Ernaast een boom. Boven in de hoek schijnt een zon en voor het huis staat een poppetje. Dezelfde onderdelen, dus misschien ook ongeveer hetzelfde verhaal? Toch hoeft dat helemaal niet zo te zijn. Sterker nog: wanneer je iets langer naar beide tekeningen kijkt, ontdek je waarschijnlijk dat ze helemaal niet zo hetzelfde zijn als je in eerste instantie dacht. Want bij een kindertekening gaat het niet alleen om wat er is getekend. De manier waarop al die onderdelen op het papier terechtkomen, maakt iedere tekening anders.

Hetzelfde huis kan er toch anders uitzien

Kijk eens naar deze twee tekeningen. Op het eerste gezicht lijken ze bijna hetzelfde. Het huis staat op dezelfde plek, de boom ernaast, links staat een meisje en zelfs de zon en wolken vind je ongeveer op dezelfde plaats terug. Toch voelt de ene tekening waarschijnlijk anders aan dan de andere. Wanneer je wat langer kijkt, beginnen de verschillen op te vallen. In de ene tekening zijn de ramen blauw, de deur bruin en het gras groen. In de andere zijn de ramen en deur donker ingekleurd en zijn ook de wolken en de grond veel donkerder. Zelfs het gezicht van het meisje verschilt. De onderdelen zijn vrijwel hetzelfde en staan bijna op dezelfde plek, maar de manier waarop ze zijn uitgewerkt verandert het totaalbeeld.

Dat zijn precies de dingen waar ik tijdens een tekeninglezing naar kijk. Niet alleen: er staat een huis, een boom en een meisje. Ik kijk naar kleurgebruik, lijnvoering, details, onderlinge verhoudingen en naar wat opvalt wanneer je alles samen bekijkt. Geen van die verschillen vertelt op zichzelf wat er met een kind aan de hand is. Maar samen kunnen ze wel interessante aanwijzingen geven en vragen oproepen. Juist wanneer twee tekeningen op het eerste gezicht hetzelfde lijken, wordt zichtbaar hoeveel informatie er in de manier van tekenen kan zitten.

Soms zit het verschil niet in wat er staat

Stel dat we twee tekeningen hebben waarop écht bijna hetzelfde staat. Een huis, een boom, een zon en een kind. Bij de eerste tekening staat het kind groot naast het huis. De boom staat er vlakbij en vrijwel het hele papier wordt gebruikt. Bij de tweede tekening staan precies dezelfde vier elementen. Alleen staat het kind klein onderaan het papier, staat de boom een stuk verder van het huis en blijft een groot gedeelte van het vel leeg. De lijst met getekende dingen is nog steeds hetzelfde:

  • een huis
  • een boom
  • een zon
  • een kind

Maar de tekeningen zijn dat niet. De verhoudingen zijn veranderd. De ruimte tussen elementen is anders. De plaats op het papier verschilt. En daardoor ontstaan er ook andere dingen waar ik nieuwsgierig naar word. Niet omdat klein, groot, dichtbij of ver weg automatisch een bepaalde betekenis hebben. Wel omdat de manier waarop onderdelen zich tot elkaar verhouden informatie kan toevoegen aan het totaalbeeld.

Eén verschil vertelt nog steeds niet het verhaal

Daar zit tegelijkertijd een valkuil. Als je eenmaal ontdekt dat plaats, grootte en onderlinge afstand interessant kunnen zijn, is het verleidelijk om daar opnieuw vaste betekenissen aan te koppelen. Een klein poppetje betekent dan dit. Een grote boom betekent dat. Veel afstand tussen twee figuren zou weer iets anders betekenen. Dan hebben we alleen het lijstje met symbolen ingeruild voor een lijstje met andere kenmerken. Zo werkt het dus ook niet. Stel dat in beide tekeningen een heel klein mensfiguurtje staat. Zelfs dan hoeft dat kleine formaat niet in beide tekeningen dezelfde betekenis te hebben. Misschien is in de ene tekening alles klein getekend. Misschien staat in de andere tekening juist een enorm huis naast dat ene kleine figuurtje. Dezelfde observatie krijgt daarmee een andere context. Daarom kijk ik niet alleen naar losse kenmerken, maar juist naar de samenhang ertussen.

En dan hebben we alleen nog maar naar het papier gekeken

Tot nu toe hebben we het alleen gehad over wat er daadwerkelijk op de tekening te zien is. Maar er is nog iets waardoor twee bijna identieke tekeningen een totaal ander verhaal kunnen hebben: ze zijn door twee verschillende kinderen gemaakt. Misschien is het ene kind vijf en het andere negen. Misschien tekende het ene kind thuis uit zichzelf en kreeg het andere op school de opdracht om een huis te tekenen. Misschien tekent een kind dat huis iedere week ongeveer hetzelfde. Of staat er juist ineens iets op wat nooit eerder voorkwam. En dan hebben we het nog niet eens gehad over wat er op dat moment in het leven van beide kinderen speelt. De tekening geeft me informatie. Het kind geeft me de context waarin ik die informatie moet proberen te begrijpen. Daarom stel ik tijdens een tekeninglezing ook vragen. Niet om te controleren of mijn interpretatie klopt, maar om te voorkomen dat ik mijn eigen verhaal over de tekening heen leg.

Probeer het zelf eens met twee tekeningen

Als je twee tekeningen van kinderen hebt, leg ze dan eens naast elkaar. Misschien zie je in eerste instantie vooral overeenkomsten. Kijk daarna nog een keer, maar probeer nu juist de verschillen te vinden. Waar staan de belangrijkste onderdelen? Hoe groot zijn ze ten opzichte van elkaar? Hoeveel van het papier wordt gebruikt? Welke dingen staan dicht bij elkaar? Waar zit juist ruimte tussen? Welke kleuren vallen op? En zie je verschillen in hoe stevig, precies of uitgebreid er getekend is? Je hoeft nog niet te bedenken wat die verschillen betekenen. Probeer ze alleen maar te zien. Waarschijnlijk worden twee tekeningen die eerst behoorlijk hetzelfde leken ineens een stuk minder hetzelfde.

Dus kunnen twee dezelfde tekeningen iets anders vertellen?

Eigenlijk zit het antwoord al een beetje in de vraag. Twee tekeningen kunnen dezelfde dingen bevatten, maar daarmee zijn het nog geen dezelfde tekeningen. De plaats, grootte, verhoudingen, afstand, kleuren, lijnen en details kunnen verschillen. De samenhang tussen al die elementen kan verschillen. De leeftijd en tekenontwikkeling kunnen verschillen. De omstandigheden waarin de tekening gemaakt werd kunnen verschillen. En bovenal: het zijn twee verschillende kinderen. Daarom kan ik niet zeggen wat een tekening vertelt door alleen af te vinken welke symbolen erop staan. Ik wil weten hoe al die onderdelen samenkomen én bij welk kind ze horen. Want soms zit het belangrijkste verschil tussen twee tekeningen niet in wat er getekend is, maar in alles wat je pas ziet wanneer je langer kijkt.